donderdag 22 augustus 2013

Een nieuwe lens


Na lang aarzelen is het er dan toch van gekomen en de wijze raad van Marianne opgevolgd. Het kost een paar centen, maar dan heb je ook wat een Canon 100-400mm. En de oude lens vertoonde gebreken en kan in de prullenbak.
Pier van IJmuiden

Dus voor het eerst op pad met de lens. En waar kun je die het best uitproberen ? De pier bij IJmuiden bijvoorbeeld. Erg veel meeuwen en ook veel lopertjes. Met Maria en Riet op pad richting de kust en schieten maar. Wel even wennen aan het gewicht. De lens is net zo zwaar als de camera en het was een goede keus om er een aparte draagriem voor aan te schaffen..
Bonte Strandloper
 
Steenloper
 
Spreeuw
 
Steenloper
 
 
 
 
Scholektser
 
Zilvermeeuw
 
 
 
Grote Stern en Kanoet
 
 
Nu dat schieten lukte goed, meer dan 500 foto’s. Een hele klus om de leukste uit te zoeken. Hierbij het eerst testresultaat. Wel is duidelijk dat het een echte lens is voor het vogelen en voor het normale dag dagelijks gebruik de Tamron 18-270mm op de camera gaat.

dinsdag 20 augustus 2013

Wespenspin

Wespenspin
Tim Kreetz, de boswachter van Natuurmonumenten Haarzuilens, kwam een prachtige wespenspin tegen. Zette die op facebook en kwam vervolgens met de foto in het AD.

Kleine Vos

Oranje Zandoogje

Icarusblauwtje

Luzernvlinder

Atalanta
Toevallig, echt toevallig maakten we aan de andere kant van Haarzuilens een rondje door de natuur. In het zonnetje genoten de vlinders van het weer en de bloemen. En wij genoten van de vlinders.
Tussen de vlinders ontdekte Riet ook een wespenspin, bezig met het inkapselen van zijn buit.


Dagpauwoog

Klein Koolwitje

Koperuiltje
Echt een opvallende spin en flink groot. Waar zijn naam vandaan komt is wel duidelijk.

Wespenspin
De naam 'wespspin' heeft alles te maken met het uiterlijk; de spin kan niet steken en de beet is ongevaarlijk voor mensen. De naam is vooral te danken aan het relatief zeer grote vrouwtje. Ze heeft een zwart achterlijf met heldere gele, witte en diepzwarte grillige banden, vooral vlak voor het afzetten van de eitjes is het achterlijf sterk opgezwollen. De buikzijde van het achterlijf heeft twee gele strepen in de lengterichting. Het cephalothorax of kopborststuk is zilverachtig behaard en de poten zijn duidelijk bruinzwart met geelgrijs gebandeerd. Ondersteboven zittend in het web valt de spin daardoor goed op, maar wordt door veel vijanden juist met rust gelaten vanwege het wesp-achtige uiterlijk. De wespspin is een van de grootste Europese spinnen, en is vanwege de lengte en kleuren moeilijk over het hoofd te zien, zelfs voor mensen die niets van spinnen weten is de soort ook makkelijk op naam te brengen. Vrouwtjes worden ongeveer 15 millimeter lang, gemeten van de kaken tot aan de punt van het achterlijf, door de grote dikke poten lijkt de spin aanzienlijk groter. Mannetjes zijn dofbruin en veel kleiner, ze worden maximaal 5 millimeter. Vanwege hun geringe grootte worden de mannetjes maar zelden opgemerkt.

In Nederland was deze soort vrij zeldzaam, ze werd pas in 1980 ontdekt in Limburg. De laatste jaren rukt de spin op naar het noorden, mogelijk door de warmere zomers als gevolg van de klimaatsverandering. De spin is nu in alle Nederlandse provincies gezien.
Het mannetje van deze soort kan hooguit 2 keer paren omdat hij bij het paren één van zijn twee genitaliën in het vrouwtje laat zitten. Dat verkleint de kans dat andere mannetjes zich succesvol kunnen voortplanten met het vrouwtje. Het mannetje wordt echter na de paring vrijwel altijd ingesponnen en later opgegeten door het vrouwtje zodat een tweede paring eerder uitzonderlijk is. Hij dient het vrouwtje tot voeding, wat de ontwikkeling van zijn nageslacht ten goede komt. Als het mannetje geluk heeft is het vrouwtje pas verveld, dan zijn haar kaken nog zacht en maakt hij de grootste kans om te paren zonder opgegeten te worden voor zijn sperma is afgegeven.
Een mannetje leeft ook aanzienlijk korter; nadat hij volwassen is slechts enkele dagen. Ongeveer een maand na de paring, rond augustus, worden de eitjes afgezet in een relatief enorme, gelige eicocon. Een cocon bevat honderden eitjes en wordt door het vrouwtje bewaakt tot ze sterft. Ongeveer een maand nadat de cocon is gesponnen komen de jonge spinnetjes (spiderlings) uit het ei, maar verlaten de cocon pas in maart van het volgende jaar.
Gedurende de winter kunnen de donker gestreepte eicocons worden aangetroffen, ze zijn moeilijk over het hoofd te zien omdat ze zo groot zijn als een golfbal en meestal tussen grashalmen of struiken worden opgehangen.
De wespspin richt zich vooral op springende en laagvliegende prooien zoals sprinkhanen, libellen en kevers, die tussen de grassen leven. Deze dieren zijn ook wat groter, andere spinnen vangen liever wat kleinere prooien als vliegen en muggen. (bron: Wikipedia)

Met toeters en bellen richting Lelystad.


Ja, de toeters en bellen zaten wel op en in de auto, maar we hebben ze toch niet gebruikt.
Aangezien (Politie) Eenheid Midden Nederland tegenwoordig bestaat uit de provincie Utrecht, Gooi en Vechtstreek en de Flevopolder, kan het zo maar gebeuren dat er een ritje gemaakt moet worden richting Lelystad om daar een autootje om te wisselen.
Samen met Kees op pad in een prachtige, volledig uitgerust politieauto, een Mitsubishi Outlander. Ondanks dat de toeters en bellen niet aan gingen en ook het bord “volgen” op de plank bleef, hield iedereen zich keurig aan de snelheid. Gewoon een kwestie van uitstraling.
 
In een burgerauto terug richting Utrecht. Maar omdat we toch in de polder zijn, terug over de dijk. Je weet nooit wat je ziet vliegen. Daarnaast is het wel lekker, om een frisse neus te halen en over het water uit te kijken.


Jammer, de vogels bleven beperkt tot grote groepen kokmeeuwen.


maandag 19 augustus 2013

Hallo meneer De Uil

Bosuil
Vorig jaar op zoek geweest naar de Bosuil in het landgoed Houdringe te Bilthoven.
Het beestje zat er niet meer.

Zaterdag vertelde Henk Boom dat er een bosuil zat in Houdringen, vlakbij het Biltse meertje. Dezelfde locatie dus als vorig jaar. De moeite waard om weer eens te gaan kijken.
Daar zittie
We speuren de bomen af, maar zien geen bosuil. Een wandelaar ziet ons bezig en vraagt of we het bosuiltje al gezien hebben. Nee, daar zijn we naar opzoek. Prettig als mensen je de weg wijzen. Ik denk niet dat we hem zelf gevonden hadden. In een uitholling, helemaal boven in de boom zat de bosuil ons half slaperig aan te kijken.



zaterdag 17 augustus 2013

In het groen

Die struiken achter het nest van de torenvalk, moeten weg.
Altijd weer een verassing wat Roy of Tim op de 3e zaterdag, als bezigheidstherapie, bedenken voor de vrijwilligers van Natuurmonumenten Haarzuilens.
Dit keer bestond de bezigheid uit het weghalen van opgeschoten hout, ofwel uit de kluiten gewassen wilgenstruiken en andere soortige struiken, zodat daarna de schapen er vrij kunnen rondlopen.Een mooi klusje, maar om er te komen eerst een wandeling tussen het manshoge onkruid en de brandnetels.
Ondanks dat er in deze vakantietijd een beperkte groep aanwezig was, werd er hard gewerkt en was rond de middag de klus geklaard en waren de struiken geveld.
Op naar de koffie, laat de schapen maar komen.
een weg banen tussen het onkruid door







nog een paar struiken te gaan

koffie tijd

vrijdag 9 augustus 2013

Nachtje logeren

Julia
Mama moet werken en papa ook. Dennis gaat naar kinderopvang Okido. En Julia ?
Julia mag een nachtje bij opa en oma logeren.
Fotograferen gaat steeds moeilijker, omdat ze liever speelt dan in de camera kijkt.
Maar goed in de speeltuin lukte het toch om Julia op de foto te zetten.








En als de libellen je om de oren vliegen, is het ook wel leuk om die even vast te leggen.