 |
| Grote Gele Kwikstaart |
DE GROTE GELE KWIK
Al enkele dagen scharrelt de Grote Gele Kwikstaart
regelmatig bij ons in de achtertuin,
opzoek naar voedsel.
Normaal zien we hem ieder jaar wel een keertje op de platte daken van de
schuurtjes.
Maar ja daar ligt nu wel erg veel sneeuw op.
Een bijzondere verschijning tussen de mussen, kool- en
pimpelmezen, kauwen, hout- en tortelduiven en andere gasten die het voer weten
te vinden.
Voeren doen we het hele jaar door en dat weten alle vogels uit de buurt.
De Grote Kwik valt op door zijn gele kleur en lang staartje
dat bijna voortdurend op- en neer gaat. Foerageert gewoon tussen de rest.
Alleen voor de kauwen gaat hij graag even een blokje om.
Leuk om hem op de foto te kunnen zetten en wel in de sneeuw in de eigen
achtertuin.
 |
| De Kwik tussen de tuinvogels |
 |
| Grote Gele Kwikstaart |
 |
| Roodborst |
 |
| Grote Gele Kwikstaart |
 |
| Huismussen |
 |
| Huismus, vrouw |
 |
| Grote Gele Kwikstaart |
 |
| Kauwen |
 |
| Kauw |
 |
| Grote gele Kwikstaart |
 |
| Pimpelmees |
 |
| Grote Gele Kwikstaart |
 |
| Koolmees |
 |
| Grote Gele Kwikstaart |
 |
| Houtduif |
 |
| Vink |
 |
| Vink |
 |
| Grote Gele Kwikstaart |
DE GROTE GELE KWIKSTAART
De Grote Gele Kwikstaart nestelt langs snelstromende beken
in natuurlijke oevers of onder bruggen en aan gebouwen. Het merendeel broedt in
Twente, de oostelijke Achterhoek en Zuid-Limburg. In Noord-Brabant is deze
soort duidelijk in opmars.
Hoewel niet precies bekend is waar onze broedvogels overwinteren, kan dat niet
ver weg zijn. Strenge en koudere winters, zoals midden jaren tachtig en
negentig, en ook weer rond 2010, zorgen namelijk voor forse inzinkingen. De
stand heeft na een aderlating verschillende jaren nodig om te herstellen.
De najaarstrek vindt plaats in september en oktober, als
kleine aantallen doortrekken, meestal alleen of hooguit met enkele vogels. Deze
grote gele 'kwikken' zijn afkomstig uit Duitsland, waar grote populaties leven
die deels westelijk en noordwestelijk trekken. Ook trekken er vogels door uit
het zuiden van Scandinavië en vermoedelijk uit Polen. In de winter zijn de
aantallen een stuk lager. Onze eigen broedvogels trekken deels weg; naar het
zuiden, tot aan de Pyreneeën.
Voor wie de harde, blikkerige roep kent, kondigt een trekker
zich soms al op honderden meters aan. In het voorbijvliegen valt de zeer lange,
dunne staart op en, bij goed licht, de lichte vleugelstreep en de gele buik en
onder-staart.
In de verstedelijkte delen van ons land is de Grote Gele
Kwikstaart 's winters een normale verschijning ook in steden en dorpen waar ze op platte
daken een gewone verschijning zijn (vogels van elders).
De overwinteraars verdwijnen in maart, wanneer ook de weggetrokken broedvogels
weer terugkeren. De honderden overwinteraars in het westen en noorden van het
land moeten wel van buitenlandse herkomst zijn.
Eind oktober of begin november is de trek grotendeels
voorbij. Er blijven behoorlijke aantallen in ons land overwinteren, zowel
binnen regio's waar de soort broedt als daarbuiten. In een slappe winter als
die van 2013/14 is de verspreiding binnen ons land heel ruim.
Voedsel
Allerlei kleine ongewervelde dieren die in of bij het water
leven; vooral insecten, maar ook spinnen, vlokreeftjes en kleine slakjes. Als
insecten worden met name vliegen, muggen, kokerjuffers, haften, steenvliegen en
kevers in het voedsel aangetroffen.
Bron Sovon /
Vogelbescherming
Geen opmerkingen:
Een reactie posten