woensdag 24 september 2014

Road Trains


Zaterdag 20 september 2014, zoals gebruikelijk vroeg op en vroeg de weg op van Charleville naar Dalby een afstand van ongeveer 500 kilometer. In het eerste stuk van de route nog te veel verkeerslachtoffers, kraaien en roofvogels.
Daarna werd het stil. Geen vogels meer, alleen maar regelmatig terugkerende wegwerkzaamheden. Goed dat de weg opgeknapt wordt, maar vervelend om iedere keer voor langere tijd stil te staan.




Daarnaast erg veel Roadtrains op de weg. Hier, voor de plaats Roma mogen ze maximaal 53 meter lang zijn (drie a vier grote aanhangers achter de truck.) Op de wegen na Roma mogen ze slechts 35 meter lang zijn (twee grote, of drie kleiner aanhangers). Maar alles moet ook over de weg en over lange afstanden. Soms is er na zo’n 200 kilometer pas een volgende benzinepomp. Vervoer over water is er niet en de trein wordt maar beperkt voor transport ingezet.
Vanzelfsprekend dat de Roadtrains niet in de stad mogen komen. Maar op die hele lange, bijna rechte wegen is het natuurlijk een ideaal vervoermiddel.




Voor een wereldrecord heeft er één Roadtrain met een lengte van 1000 meter, op één volle dieseltank tien kilometer gereden over een lange weg in het midden van Australië.
Maar de Roadtrains zijn geweldig om te zien. Groot, glimmend en veel power.
Het landschap verandert van een natuurlijke omgeving in agrarisch gebied met eindeloze graanvelden tot aan de horizon.



















Voor het vertrek zie ik bij het huisje nog twee kookaburra’s. Bij aankomst in Dably zie ik vlak bij het huisje eveneens twee kookaburra’s.
Wel bijzonder, 500 kilometer vanaf de eerste Mistletoebird mannetje, vind ik het Misteltoebird vrouwtje.



Mistletoebird (vrouw)
Voor het eten nog een wandeling langs de rivier achter de camping. Leuke vogeltjes gezien en ook een prachtige leguaan, of iets wat daarop lijkt.

Een blog voor liefhebbers van zwaar transport en verkeer.

dinsdag 23 september 2014

Gewoon langs de weg

Brolga
Vrijdag 19 september 2014, rijdend over de A2, op weg van Longreach naar Charleville, zo’n vijfhonderd kilometer verderop. Wat kan er gebeuren om een leuke blog te maken.

Gewoon langs de weg liggen weer te veel kangoeroes, ofwel de verkeerslachtoffers van meestal de road trains die in het donker rijden.

En natuurlijk gewoon de honderden Kites ( roofvogels) die overal als aaseters op de kangoeroes zitten, boven de weg zweven of gewoon op paaltjes of in bomen zitten.
Nog nooit zoveel roofvogels langs de snelweg gezien.
Soms zijn het kraaien die zich over zo’n slachtoffer ontfermen. 

Black Kites (roofvogels)
Het verschil van aaseter is goed te zien als de auto nadert. De roofvogels vliegen al vroeg op. De kraaien blijven nog heel lang bezig en wandelen even naar de kant om de auto te laten passeren.

Mistletoebird
Gewoon langs de weg, tijdens de koffiebreak in de natuur, in een boom, de Mistletoebird, een prachtig gekleurd vogeltje.
Gewoon langs de weg ? Voor ons en zeker voor mij niet. Twee Brolgas, vlak langs de kant van de weg. Kennelijk maakten ze zich niet druk om het verkeer en staken rustig de weg over en voerden vervolgens nog een dansje uit. Schitterend om dit spel te zien van deze prachtige vogels. ( Brolgas lijken erg veel op de Kraanvogel)

De dans van de Brolga's











Om het geheel nog spectaculairder te maken was er een stuk verder op een echte cattle drive. Een grote kudde koeien (stock) die door een man (stockman) en een vrouw, op paarden en met behulp van honden deels over de weg en deels over andermans gronden werden voort gedreven richting een verzamelplaats voor de verkoop. Mogelijk zijn ze nog dagen of weken onderweg voordat de bestemming bereikt wordt. Overal om ons heen, op de snelweg ( heette zelfs de A2) koeien en paarden.

Koeien op de snelweg, de A2
Over een afstand van zo’n 500 kilometer verandert het landschap ook diverse keren. Dat is op zich al bijzonder. Gewoon een ritje over de snelweg van A naar B kan dus gewoon heel bijzonder zijn.

De Stockman

De Stockman ( knap stuk houtsnijwerk)
Donderdag 18 september 2014. We vertrekken uit Winton. De auto is weer gepakt, een knap stukje werk van Pieter om iedere keer alles er weer in te krijgen.
We hebben gedoucht en ruiken fris, ondanks dat het water dat uit de kraan komt een heel klein beetje ruikt naar bedorven eieren. Het water komt uit een eigen bron in de grond, is drinkbaar en te gebruiken voor de douche. We hebben in ieder geval nog water. Deze Outback staat al lange tijd droog. Het gras is geel en soms zelfs grijs van de lange tijd dat er geen water gevallen is.
Een korte rit vandaag over een afstand van slecht zo’n 200 kilometer naar Longreach. Ook dit keer langs de weg veel dode kangoeroes en wallaby’s. Een oorzaak is het kleine beetje groene gras direct langs de kant van de weg. De beesten komen daar, als het niet zo warm meer is, op af.
Gevolg daarvan is weer dat er in dit gebied honderden roofvogels zitten die graag een hapje mee eten. Bij zoveel eten moet er toch wel een grote Eagle in de buurt zijn , vraag ik aan Pieter. Ik heb het nog niet gezegd of zo’n heel grote Eagle zit midden op de weg. Even later zien we nog zo’n Wedge-tailed Eagle in een boom langs de kant van de weg.
Ook langs de kant van de weg lopen drie grote bush hennen. 

Bush hen

Wedge-tailed Eagle


Wedge-tailed Eagle


We leren zelfs Hanny en Pieter een beetje vogelen, al is er nog een hele weg te gaan voor we Hanny vogelaar-ster kunnen noemen.
Tijdens een wandeling langs de rivier weer een aantal kangoeroes gezien. We zitten in het gebied.

Hall of Fame
 




In Longreach, direct door naar The Australian Stockman’s Hall of Fame and Outback Heritage Centre.
Het geeft de geschiedenis weer van het ontstaan van de veebedrijven, veedrijvers en veehandelaren in Australië. Het werken met vee in de uitgestrekte Outback .
Kortom de pioniers, die Australie mede groot gemaakt hebben en daardoor een plaatsje hebben verdiend in de Hall of Fame.
Nog niet met de huidige middelen, maar begonnen met paard en wagen, over eindeloze afstanden in de hitte en in onbekend gebied. Respect voor deze mannen en vrouwen.

Ook nu spelen koeien nog een belangrijke rol in de voedselketen. 
In de Outback lopen de koeien nog vrij rond in de natuur.

 In tegenstelling tot onze Nederlandse koeien die met een hele kudde de wei kunnen delen, heeft iedere koe hier veel meer ruimte nog om nog wat eetbaars te vinden.

 De “wei” is zo groot, dat er met behulp van helikopters en terreinauto’s de koeien bij elkaar gedreven worden.
Vroeger alleen met paarden (stockman) en honden.

Onderweg kom je dan ook allerlei waarschuwingsborden tegen dat er mogelijk koeien in de weg kunnen lopen.









De koeien worden in die enorme Roadtrains vervoerd naar de veemarkten.
Ook dat ging vroeger anders en werden de kuddes lopend voortgedreven naar de markt. De drivers en de koeien waren op die manier weken onderweg. Een enkele keer gebeurd dit nog, zoals we een dag later zagen.

Fairy Martin bouwt zijn nest

Fairy Martin