zondag 7 juni 2015

Op ontdekkingsreis door Utrecht

Oudegracht en Domkerk Utrecht
Komt er een mailtje van Henk Boom, coördinator van de vrijwilligersclub van Natuurmonumenten Haarzuilens. Bart Seidel is gids bij het Gilde in Utrecht en wil een rondleiding voor de groep geven door een gedeelte van Utrecht. Wie heeft er belangstelling ?
Ik wel. In de jaren 1975 tot zo 1980 heb ik veel in het centrum van Utrecht gesurveilleerd als politieagent en daarna voor diverse onderzoeken mij ook opgehouden in de binnenstad van Utrecht. Ik ben benieuwd in hoeverre de stad veranderd is.
In ieder geval wel bij het Paardenveld ligt zo’n beetje alles op de schop. Via allerlei omleidingen weten we, zelfs op de fiets, nog net de weg te vinden om Utrecht centrum te bereiken.

Verzamelen in het zonnetje

Bart Seidel

De pomp op de Mariaplaats
We lopen letterlijk naar de pomp, die op één van de armen van de Mariastraat staat. Het verzamelpunt voor de groep.
Bart geeft een uitleg over het Utrechts Gilde en daarna volgt een wandeling door het gebied, globaal tussen de Catharijnesingel en de Oudegracht van Utrecht. Een groot gebied dat toebehoorde aan de Kapittelkerk van St. Marie en een gedeelte dat onder anderen dienst deed als het Duitse huis.

Kapittelkerk van St.Marie, gebouw K&W
Nu wordt het spannend om de blog verder in te vullen. Bart is een goede verteller en kent de  geschiedenis van deze gebieden. 
De jaartallen vallen over elkaar heen, net als de namen die bij de genoemde jaartallen horen, zoals Jan van Scorel,  Van Zoudenbalch, Hendrik de Vierde, Napoleon, Heintje Davids, Kanunniken, Pausen en kerkvorsten.
Via tuinen en steegjes doorkruisen we het gebied, waarbij regelmatig gestopt werd, zodat Bart de bijzonderheden kon vertellen en vragen te beantwoorden over panden, straten en gevels.

Een echte ontdekkingsreis door dit stukje Utrecht. Natuurlijk kennen we de Mariaplaats al wel, evenals het gebouw van Kunst & Wetenschap, waar het muziekconservatorium gevestigd is. Het gebouw brandde in de jaren tachtig tot de grond toe af en is in de oude stijl herbouwd. De Springweg en de plaats waar het oude Militairhospitaal heeft gestaan en natuurlijk het belastingkantoortje in het smalle steegje de Walsteeg te Utrecht.
Maar verder was het toch echt een ontdekkingsreis.

Tijdens de rondleiding af en toe een  “oja” .

Dus we houden het bij een fotoverslag, aangevuld met wat algemene informatie van het internet.

Mariastraat, zicht op de Dom
Na afloop krijgen we van Bart de Zomerfolder 2015 van Gilde Utrecht mee.
Ik ben onder de indruk van de verscheidenheid aan wandelingen en onderwerpen.

Om je nieuwsgierig te maken, onderwerpen/wandelingen/lezingen/cursus over : bomen, joods leven, beelden, kloosters, tweede wereldoorlog, universiteit, deuren, OV-terminaal, waterlinie, Reformatie, Oog in Al, hofjes, Griftpark, Vechtloop, Zakkendragers, werven, Belle van Zuylen, Utrechtse lekkernijen, fietstochten, zorgzaam Utrecht, stadskastelen ( bron: www.gildeutrecht.nl)

 
Kloostertuin Mariaplaats




de roos



tussendoortje

uit het verleden een oude goot (nieuwbouw 1997)

clubhuis NS ontspanningsvereniging


Onder de nieuwbouw een vloer uit het verleden

Springweg

met toeters en bellen

Springweg

zicht op de verrekijker

doorkijkje

Oudegracht

langs de werf van de Oudegracht

Oudegracht

Startplaats Tour de France 2015

Terug bij af , de Mariaplaats

  
GILDE UTRECHT
De vrijwilligers van Gilde Utrecht verzorgen een gevarieerd pakket van activiteiten:
Rondleidingen in en om de stad Utrecht
Cursussen en lezingen over Utrechtse onderwerpen
Versterking van uw taalbeheersing in persoonlijke contacten, in het Nederlands of in een vreemde taal
Deskundig advies over een hele reeks onderwerpen

De vrijwilligers zijn ervaren mensen, ieder op zijn eigen gebied . De meesten doen geen betaald werk meer. Allemaal maken ze graag - als aangename tijdbesteding - hun kennis en kunde nuttig voor de samenleving.
Gilde Utrecht is een van de 66 Gilden in Nederland. Landelijk werken de Gilden samen in Gilde Nederland. De lokale Gilden geven elk op eigen wijze uitdrukking aan de Gilde-gedachte: senioren stellen hun kennis en vaardigheid beschikbaar voor de samenleving.
Gilde Utrecht is opgericht in 1989 en is inmiddels uitgegroeid tot een organisatie van ongeveer 200 vrijwilligers en een parttime beroepskracht. De Gilde-gedachte heeft in Utrecht oorspronkelijk vorm gekregen in een bemiddelingsbureau waar senioren hun aanbod van kennis en vaardigheden als het ware konden deponeren en waar gebruikers hun aanvraag konden indienen.
Het bureau bemiddelde een-op-een tussen aanbieders en aanvragers. Deze vorm bestaat nog steeds, met name in de activiteitencluster Advies, voorlichting en begeleiding. De dienstverlening op het vlak van computer- en apparatengebruik bijvoorbeeld geeft groei te zien. Maar andere vormen hebben in de loop van de tijd de overhand gekregen in aantallen gebruikers en aantallen vrijwilligersuren.
De groei van Gilde Utrecht is voor een belangrijk deel van de rondleidingen gekomen. Niet alleen in Utrecht maar ook landelijk vormen deze het best bekende deel van het Gilde-aanbod. In Utrecht trekken de rondleidingen jaarlijks zo'n 8.000 deelnemers, verdeeld over ruim 700 rondleidingen die worden verzorgd door circa 40 vrijwilligers.
Voor een ander belangrijk deel is de groei gekomen van activiteiten in samenwerking tussen Gilde Utrecht en andere instellingen. De inburgeringsactiviteiten in de cluster Andere culturen, talen en conversatie zijn hiervan een goed voorbeeld. De betrokken vrijwilligers besteden jaarlijks zo'n 25.000 uren aan het intensieve werk met de ongeveer 400 deelnemers van deze activiteiten. ( bron: www.gildeutrecht.nl)

KAPITTELKERK VAN ST.MARIE

De Mariakerk was volgens de overlevering een gezamenlijke stichting van keizer Hendrik IV en bisschop Koenraad en zou het westelijke sluitstuk geweest zijn van het Utrechtse kerkenkruis. Koenraad was een trouw aanhanger van Hendrik IV tijdens de Investituurstrijd: hij vergezelde hem tijdens diens expeditie in Italië in 1083 en was aanwezig bij diens kroning tot keizer in 1084. De oorzaak van de verder naar het westen gelegen situering van de Mariakerk in het kerkenkruis zou erin zijn gelegen dat de directe westzijde van de burcht Trecht reeds bebouwd was met de handelswijk Stathe en de Buurkerk.


Vanaf 1085 was Koenraad meer in Utrecht, en omstreeks die tijd zal de bouw van de Mariakerk begonnen zijn. Als bewust voorbeeld schijnt de beroemde, net voltooide Dom van Spiers gediend te hebben, bij uitstek de kerk van Hendrik IV en de grafkerk van de Salische koningendynastie. De Mariakerk werd hierdoor ook als een symbool van het keizerschap aangezien.
In 1099 was de bouw van de Mariakerk zover gevorderd dat het koor kon worden ingewijd echter de bouw kwam stil te liggen. Pas na een episode in 1133, toen Floris de Zwarte zich tijdens zijn strooptochten door het Sticht in de Mariakerk verschanste, werd de bouw krachtig hervat, zij het volgens een afwijkend plan: het schip en de westpartij werden uitgevoerd in Lombardische stijl, waarmee de Mariakerk een merkwaardig Italiaans voorkomen kreeg. In die zin was het een unicum ten noorden van de Alpen. Rond 1160 werden nog twee torens naast het westwerk toegevoegd.
De Mariakerk zoals zij nu tot stand was gekomen had een zeer grootse, monumentale allure. In tegenstelling tot de andere romaanse kerken in Utrecht had zij verder twee dwarsschepen, was zij geheel in steen overwelfd en daarnaast voorzien van tribunes boven de zijbeuken. Aan de Mariakerk werd een kapittel verbonden met dertig kanunniken.
In 1421 werd het relatief bescheiden romaanse koor vervangen door een veel groter gotisch koor. Ook werden de vensters in de westgevel gemoderniseerd. Op de nok van het nieuwe koor werd een beeld van keizer Hendrik geplaatst. In 1528 werd de schilder Jan van Scorel kanunnik van de Mariakerk; hij ontwierp onder meer een oksaal en enkele gebrandschilderde ramen. Na zijn dood kreeg hij in de Mariakerk het eerste praalgraf voor een kunstenaar in de Nederlanden.
De aftakeling begon tijdens het beleg van kasteel Vredenburg in 1576, waarbij de noordelijke toren werd stukgeschoten. Na de Reformatie kwam de kerk in gebruik bij de Engelse gemeente; het koor ging als tentoonstellingsruimte dienstdoen. In 1682 werd de overgebleven toren afgebroken en in 1715 werd de hele westpartij gesloopt.
De opheffing van het kapittel in 1811 leidde uiteindelijk tot de afbraak van de kerk. Op last van keizer Napoleon werd in 1813 een begin gemaakt met de sloop; de opbrengst uit de verkoop van materialen moest helpen zijn veldtochten te financieren. In 1816 was de sloop voltooid; alleen het gotische koor, dat sinds 1764 als concertzaal dienst deed, rekte zijn bestaan tot 1844. In dat jaar moest het wijken voor het nieuwe Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen.
Ondanks de sloop is de Mariakerk altijd tot de verbeelding blijven spreken. Het prachtige bouwwerk is tot in detail bekend dankzij de vele tekeningen die Pieter Saenredam tijdens zijn verblijf in Utrecht in 1636 ervan maakte.

De kloostergang van de Mariakerk bleef gespaard omdat die ten tijde van de afbraak van de kerk op het grondgebied van de Oudkatholieke kerk stond. Van de drie armen is de westelijke het oudst, eind elfde eeuw. De andere armen ontstonden rond 1140. Bij reparaties in latere eeuwen is de oorspronkelijke tufsteen in de muren vervangen door baksteen; de zuiltjes en kapitelen zijn van zandsteen. De westarm is in 1633 verbouwd. Restauraties vonden in het begin van de twintigste eeuw plaats.
In een verhaal kreeg de bisschop via de bakker het dochtertje van de bouwmeester zover het geheim van de fundering te verklappen. Toen de bouwmeester erachter kwam sloeg hij daarop met een wittebrood van de bakker zijn kind dood. Op de Oudegracht heette de winkel van de bakker nog eeuwenlang 't Wittebrootskint. Een gevelsteen daar en een lantaarnpaalconsole ter hoogte van de Lichte Gaard herinneren er nog aan. Bij de afbraak van de kerk heeft men nog (tevergeefs) naar de fundering van ossenhuiden gezocht. (bron Wikipedia)

DUITSE HUIS

Het Duitse Huis in de Nederlandse stad Utrecht is het eeuwenoude en monumentale hoofdkwartier van de Duitse Orde in haar Nederlandse Balije. Het was en is de residentie van de Landcommandeur van de Orde.
Het huis is het tweede huis met deze naam; een eerder Duits Huis lag sinds 1231 buiten de stadsmuren ter hoogte van de Tolsteegsingel. Dit in tijden van oorlog gevaarlijk gelegen huis werd in 1345 na een plundering vervangen door een nieuw complex op een terrein aan de Springweg. Het complex bestond uit een hoofdgebouw van 50 bij 11 meter, enkele bijgebouwen en een kerk. De kerk stortte echter in bij de tornado van 1674, die ook het schip van de Domkerk omverblies.
Op verzoek van Lodewijk Napoleon, koning van Holland, verkocht de Balije in 1807, min of meer vrijwillig en om onteigening vóór te zijn, haar residentie aan de regering die er het ministerie van Financiën wilde vestigen. De Balije deed de verkoop wel onder beding van eerste recht van koop als het complex ooit weer te koop zou worden aangeboden. Het Duitse huis werd geen ministerie, maar het Rijks Militair Hospitaal. Het historische gebouw dat tot rijksmonument was verklaard, werd door het Ministerie van Defensie desondanks grondig bedorven en slecht onderhouden, wat in 1989 leidde tot een mislukte kraakactie.
In 1992 kon de Balije eindelijk gebruikmaken van haar eerste recht van koop. Zij kocht een deel van het complex terug en na een grondige restauratie betrok de Ridderlijke Duitsche Orde in de protestantse Balije Utrecht in 1995 opnieuw haar oude Huis.
Een ander deel van het grote gebouwencomplex stond in die tijd nog steeds te verkrotten. In 1997 is het deel dat daarna werd verbouwd tot het "Grand Hotel Karel V" enkele maanden gekraakt geweest. Deze kraakactie bracht een einde aan de schade die de originele houten vloer opliep omdat het pand nu verwarmd werd. De waterput die men heeft gevonden is uiteindelijk meegenomen in de restauratie.

Het hotel is vernoemd naar Keizer Karel V die onderdak zou hebben gevonden in het gebouw, samen met zijn zuster Maria van Hongarije, voor het bijwonen van de kapittelvergadering van de Orde van het Gulden Vlies in 1546. Aan het hotel is een deel toegevoegd met de naam "Romeinse Vleugel" dat zijn naam dankt aan de vondst van Utrechtse archeologen voorafgaande aan de bouw in 2007 op deze plek: een Romeins grafveld (40-275 n.Chr.) waar onder meer gecremeerde resten in urnen van mogelijk bouwers van het Utrechtse castellum Traiectum zijn begraven.[1] Het zijn de eerste Romeinse graven die in de Utrechtse binnenstad gevonden zijn. Men neemt aan dat het grafveld veel groter is dan het onderzoeksterrein. In het hotel zijn sporen van het Romeinse verleden van Utrecht, waaronder enkele bijzondere archeologische vondsten, voor bezoekers zichtbaar. (Wikipedia)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen